van de heren Koen Van den Heuvel en Ward Kennes, mevrouw Griet
Smaers en de heren Kris Van Dijck, Jan Peumans en Peter
Vanvelthoven houdende wijziging van het KLIP-decreet van 14
maart 2008, wat betreft het indienen en afhandelen van een
planaanvraag alsook de bijhorende strafbepalingen
28 oktober 2010
1. Toelichting
Indiener Koen Van den Heuvel vertrekt bij zijn
toelichting van een aantal cijfers. De Vlaamse wegen bevatten
zowat 500.000 km kabels en leidingen. Dat is per meter weg acht
meter kabels en leidingen. Daarom is het KLIP, het ‘Kabel- en
Leiding Informatie Portaal’ van groot belang. Het KLIP probeert
de uitwisseling en ontsluiting van alle geo-informatie tussen de
beheerders en de gebruikers van de kabels en leidingen te
bevorderen om de schade aan die kabels en leidingen te beperken.
Het Vlaamse Gewest loopt daarmee aan de spits aangezien het in
ons land het enige gewest is dat die investering heeft gedaan.
Op federaal niveau bestaat wel het KLIM, het ‘Federaal Kabels en
Leidingen Informatie Meldpunt’.
Het is verplicht gebruik te maken van het KLIP bij het uitvoeren
van grondwerken sinds 1 september 2009. Het gebruik is ook
kosteloos. En het gebruik gebeurt met een enkele elektronische
aanvraag. Een aannemer die aan de slag wil gaan, stuurt een
elektronische aanvraag naar het KLIP. Het KLIP gaat dan in zijn
databank na welke andere KLB’s (kabel- en leidingbeheerders) in
het betrokken stuk weg actief zijn. Die KLB’s worden op de
hoogte gebracht van de aanvraag en dan moeten zij binnen een
bepaalde termijn reageren. Dan pas, met volledige kennis van de
aanwezige kabels en leidingen, kan de aanvrager zijn machines op
gang brengen.
Dit voorstel van decreet wil de procedure versoepelen. Evenwel
zonder het veiligheids-risico te verhogen. Tot nu moest een
uitvoerder van grondwerken minstens twintig dagen voor het begin
van de werken de aanvraag indienen. Die termijn van twintig
dagen wordt nu gerelativeerd door de invoering van een extra
uitzondering. Maar het absolute principe blijft dat de
grondwerken pas kunnen starten wanneer de aanvrager alle
informatie over de aanwezige kabels en leidingen van alle KLB’s
ter beschikking heeft.
Een andere wijziging betreft de termijn waarbinnen een KLB moet
reageren op een aanvraag. Tot nu was dat uiterlijk vijf dagen
voor de aanvang van de werken. Dat is nu vervangen door de
bepaling dat de KLB uiterlijk vijftien werkdagen na het indienen
van de planaanvraag moet geantwoord hebben.
Ten slotte worden de sancties bij het niet volgen van de
opgelegde procedure aangepast aan de gewijzigde regeling.
2. Algemene bespreking
De heer Jan Penris herinnert zich nog heel levendig de
aanleiding tot het KLIP-decreet, namelijk de gasontploffing in
Gellingen in de zomer van 2004. Hij heeft de minister-president
daarover geregeld ondervraagd2. Hij blijft dan ook alle
initiatieven steunen die het risico op dergelijke rampen kan
verminderen.
De heer Marino Keulen noemt het voorstel van decreet een goede
zaak.
3. Artikelsgewijze bespreking
De artikelen 1 tot 3 worden zonder opmerkingen unaniem
aangenomen met 11 stemmen.
Artikel 4
Een amendement ingediend door de heren Dirk de Kort, Koen Van
den Heuvel, Ward Kennes, Kris Van Dijck, Jan Peumans en John
Crombez strekt ertoe aan artikel 4 een 3° toe te voegen3.
Daarmee wordt aan artikel 17 van het KLIP-decreet een punt 5°
toegevoegd, dat ook elke KLB (Kabel- en Leidingbeheerder) die de
informatie, zoals voorzien in artikel 11, niet tijdig verstrekt,
onderwerpt aan de sancties. De heer Dirk de Kort noemt dat
redelijk omdat de verantwoordelijkheid voor het beschermen van
kabels en leidingen een gemeenschappelijke zaak is voor
aannemers en nutsmaatschappijen. Hij hoopt dat de sancties maar
weinig zullen moeten worden opgelegd; ze zijn meer ‘een stok
achter de deur’.
Het amendement en het aldus gewijzigde artikel 4 worden unaniem
aangenomen met 11 stemmen.
4. Eindstemming
Het geamendeerde voorstel van decreet houdende wijziging van het
KLIP-decreet van 14 maart 2008, wat betreft het indienen en
afhandelen van een planaanvraag alsook de bijhorende
strafbepalingen, wordt unaniem aangenomen met 11 stemmen.
VOORSTEL VAN DECREET
Artikel 1. Dit decreet regelt een gewest- en
gemeenschapsaangelegenheid.
Art. 2. In artikel 8 van het KLIP-decreet van 14 maart 2008
worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° tussen het eerste en het tweede lid wordt een lid ingevoegd,
dat luidt als volgt:
“In zoverre de uitvoerder van de grondwerken minder dan twintig
werkdagen voor de geplande aanvangsdatum van de grondwerken
kennis heeft gekregen van die aanvangsdatum, geldt de termijn
van twintig werkdagen, bedoeld in het eerste lid, niet maar moet
de planaanvraag wel zo snel mogelijk geschieden nadat de
uitvoerder van de grondwerken kennis heeft gekregen van de
geplande aanvangsdatum van de uit te voeren grondwerken en
uiterlijk vóór de geplande aanvang van de grondwerken.”;
2° in het bestaande tweede lid, dat het derde lid wordt, worden
de woorden “deze verplichting” vervangen door de woorden “de
verplichting tot het indienen van een planaanvraag”.
Art. 3. In artikel 11 van hetzelfde decreet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° in de bestaande tekst, die paragraaf 1 zal worden, worden in
het eerste lid de woorden “vijf werkdagen vóór de geplande
aanvang van de grondwerken” vervangen door de woorden “vijftien
werkdagen na de dag van het indienen van de planaanvraag”;
2° er wordt een paragraaf 2 toegevoegd, die luidt als volgt:
“§2. Elke persoon die overeenkomstig dit decreet een
planaanvraag moet indienen, mag slechts een aanvang nemen met de
uitvoering van de desbetreffende grondwerken nadat hij in
antwoord op zijn planaanvraag de in paragraaf 1 bedoelde
informatie ontvangen heeft.”.
Art. 4. In artikel 17 van hetzelfde decreet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° punt 3° wordt vervangen door wat volgt:
“3° elke persoon die volgens dit decreet een planaanvraag moet
indienen en die deze niet indient, niet tijdig heeft ingediend,
of, in het geval bedoeld in artikel 8, tweede lid, niet
uiterlijk vóór de geplande aanvang van de grondwerken, heeft
ingediend;”;
2° er wordt een punt 3°bis toegevoegd, dat luidt als volgt:
“3° bis elke persoon die volgens dit decreet een planaanvraag
moet indienen en die de verplichting uit artikel 11, §2
miskent;”.
Art. 5. Dit decreet treedt in werking op de eerste dag van de
maand die volgt op het verstrijken van een termijn van tien
dagen, die ingaat op de dag na de bekendmaking ervan in het
Belgisch Staatsblad.
Koen VAN DEN HEUVEL
Ward KENNES
Griet SMAERS
Kris VAN DIJCK
Jan PEUMANS
Peter VANVELTHOVEN