|
Voorstel van decreet
van de heren Johan Sauwens, Bart Martens, Lieven
Dehandschutter, Koen Van den Heuvel en Jan Roegiers, mevrouw
Lies Jans en de heer Jan Verfaillie houdende aanstelling van
erkende landmeters door provincies, gemeenten en OCMW’s voor het
opmaken van schattingsverslagen in het kader van onroerende
verrichtingen die worden gesteld door de provincies, gemeenten
en OCMW’s
9 november 2010
TOELICHTING
Het voorstel van decreet gaat over de invoering in het
Provinciedecreet, het Gemeentedecreet en OCMW-decreet van de
mogelijkheid voor de openbare besturen om een erkend
landmeter-expert aan te stellen, om een schattingsverslag op te
stellen voor de openbare besturen in het kader van hun grond- en
pandenbeleid.
Op dit moment doen de openbare besturen daarvoor een beroep op
het comité van aankoop of de ontvanger van registratie. Zij
stellen immers het noodzakelijke schattingsverslag op.
Het schattingsverslag is vereist voor alle aankopen en verkopen
van onroerend goed en voor huurovereenkomsten, overeenkomsten
van erfpacht of opstal en concessies van onroerend goed waarbij
openbare besturen betrokken zijn. Het schattingsverslag is nodig
om die transacties te laten gebeuren op basis van een
geobjectiveerde waardebepaling die door de bevolking én door de
voogdijoverheid wordt gevraagd.
Dat openbare besturen voor het schattingsverslag een beroep doen
op het comité van aankoop of op de ontvanger van registratie
behoort tot het gewoontegebruik, want er bestaat geen wettelijke
verplichting voor openbare besturen om voor hun onroerende
verrichtingen een beroep te doen op de diensten van het
aankoopcomité of de ontvanger van registratie.
We stellen vast dat er zowel bij het aankoopcomité als bij de
ontvangers van registratie een ernstige achterstand is van de te
behandelen dossiers.
Als gevolg daarvan blijven de noodzakelijke schattingsverslagen,
die de openbare besturen nodig hebben voor hun onroerende
verrichtingen uit, wat een enorme vertraging oplevert in de
belangrijke sociaaleconomische dossiers.
Dat die situatie problematisch is, blijkt des te meer uit het
feit dat de steden en gemeenten enerzijds worden aangemoedigd om
een actief grond- en pandenbeleid te voeren en dat zij
anderzijds in hun beleid worden vertraagd door de huidige gang
van zaken bij de aankoopcomités.
Op een interpellatie d.d. 10 februari 2009 van de heer Koen Van
den Heuvel, Vlaams volksvertegenwoordiger, aan de heer Dirk Van
Mechelen, Vlaams minister van Financiën en Begroting en
Ruimtelijke Ordening, met betrekking tot activiteit van de
comités van aankoop, antwoordde de minister dat de comités
“enerzijds overbevraagd zijn, maar aan de andere kant ook
onderbemand zijn”.
De problemen zijn bekend en worden als zodanig ook erkend.
Dit voorstel van decreet zorgt ervoor dat de schattingen, niet
alleen door het aankoopcomité en de ontvanger van registratie,
maar ook door landmeters-experten zouden kunnen gebeuren die
ingeschreven zijn op het tableau, beheerd door de Federale Raad
van landmeters-experten conform de wet van 11 mei 2003. Door dit
nieuwe systeem in het leven te roepen, kunnen de problemen van
achterstand en onderbemanning snel en blijvend worden
opgevangen.
Ook de rechtbanken maken van de bovengenoemde lijst gebruik om
in hun vonnissen indien nodig een deskundige aan te stellen.
Dat de schattingen van deze landmeters-experten onpartijdig en
objectief zijn, staat buiten kijf aangezien zij de bepalingen
volgen van het koninklijk besluit van 15 december 2005 tot
vaststelling van de voorschriften inzake de plichtenleer van de
landmeter-expert.
Aangezien zowel provincies, gemeenten als OCMW’s te kampen
hebben met het geschetste probleem, houdt dit voorstel van
decreet een aanvulling en/of wijziging in van de van toepassing
zijnde decreten.
Johan SAUWENS
Bart MARTENS
Lieven DEHANDSCHUTTER
Koen VAN DEN HEUVEL
Jan ROEGIERS
Lies JANS
Jan VERFAILLIE
VOORSTEL VAN DECREET
Artikel 1. Dit decreet regelt een gemeenschaps- en
gewestaangelegenheid.
Art. 2. In titel V van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005,
gewijzigd bij de decreten van 14 maart 2008 en 23 januari 2009,
wordt een hoofdstuk IIIbis ingevoegd, dat luidt als volgt:
“Hoofdstuk IIIbis. Aanstellen van landmeters-experten”.
Art. 3. In hetzelfde decreet wordt in hoofdstuk IIIbis,
ingevoegd bij artikel 2, een artikel 192bis ingevoegd, dat luidt
als volgt:
“Art. 192bis. De gemeente en de gemeentelijke verzelfstandigde
agentschappen, bedoeld in titel VII, kunnen landmeters-experten
aanstellen voor het opstellen van schattingsverslagen in het
kader van de onroerende verrichtingen die worden gesteld door de
gemeente en de gemeentelijke verzelfstandigde agentschappen,
bedoeld in titel VII.”.
Art. 4. In hetzelfde decreet wordt in hetzelfde hoofdstuk IIIbis,
een artikel 192ter ingevoegd dat luidt als volgt:
“Art. 192ter. De Vlaamse Regering bepaalt de procedure en de
voorwaarden volgens welke de landmeter-expert de erkenning kan
verkrijgen om schattingsverslagen op te stellen voor de gemeente
en de gemeentelijke verzelfstandigde agentschappen, bedoeld in
titel VII.”.
Art. 5. In hetzelfde decreet wordt in hetzelfde hoofdstuk IIIbis,
een artikel 192quater ingevoegd, dat luidt als volgt:
“Art. 192quater. Voor de toepassing van artikelen 192bis en
192ter wordt verstaan onder:
1° landmeter-expert: de landmeter-expert, ingeschreven op het
tableau van de beoefenaars van het beroep als bedoeld in de wet
van 11 mei 2003 tot bescherming van de titel en van het beroep
van landmeter-expert en op wie het koninklijk besluit van 15
december 2005 tot vaststelling van de voorschriften inzake de
plichtenleer van de landmeter-expert van toepassing is;
2° schattingsverslag: verslag waarbij de waarde van het
onroerend goed wordt bepaald aan de hand van vooraf vastgelegde
objectieve regels zoals vergelijkingspunten uit de omgeving.”.
Art. 6. In titel V van het Provinciedecreet van 9 december 2005,
gewijzigd bij de decreten van 20 juni 2008 en 30 april 2009,
wordt een hoofdstuk IIIbis ingevoegd, dat luidt als volgt:
“Hoofdstuk IIIbis. Aanstellen van landmeters-experten”.
Art. 7. In hetzelfde decreet wordt in hoofdstuk IIIbis,
ingevoegd bij artikel 6, een artikel 185bis ingevoegd, dat luidt
als volgt:
“Art. 185bis. De provincie en de provinciale verzelfstandigde
agentschappen, bedoeld in titel VII, kunnen landmeters-experten
aanstellen voor het opstellen van schattingsverslagen in het
kader van de onroerende verrichtingen die worden gesteld door de
provincie en de provinciale verzelfstandigde agentschappen,
bedoeld in titel VII.”.
Art. 8. In hetzelfde decreet wordt in hetzelfde hoofdstuk IIIbis,
een artikel 185ter ingevoegd dat luidt als volgt:
“Art. 185ter. De Vlaamse Regering bepaalt de procedure en de
voorwaarden volgens welke de landmeter-expert de erkenning kan
verkrijgen om schattingsverslagen op te stellen voor de
provincie en de provinciale verzelfstandigde agentschappen,
bedoeld in titel VII.”.
Art. 9. In hetzelfde decreet wordt in hetzelfde hoofdstuk IIIbis,
een artikel 185quater ingevoegd, dat luidt als volgt:
“Art. 185quater. Voor de toepassing van artikelen 185bis en
185ter wordt verstaan onder:
1° landmeter-expert: de landmeter-expert ingeschreven op het
tableau van de beoefenaars van het beroep als bedoeld in de wet
van 11 mei 2003 tot bescherming van de titel en van het beroep
van landmeter-expert en op wie het koninklijk besluit van 15
december 2005 tot vaststelling van de voorschriften inzake de
plichtenleer van de landmeter-expert van toepassing is;
2° schattingsverslag: verslag waarbij de waarde van het
onroerend goed wordt bepaald aan de hand van vooraf vastgelegde
objectieve regels zoals vergelijkingspunten uit de omgeving.”.
Art. 10. In titel V van het decreet van 19 december 2008
betreffende de organisatie van de openbare centra voor
maatschappelijk welzijn wordt een hoofdstuk III/1 ingevoegd, dat
luidt als volgt:
“Hoofdstuk III/1. Aanstellen van landmeters-experten”.
Art. 11. In hetzelfde decreet wordt in hoofdstuk III/1,
ingevoegd bij artikel 10, een artikel 199/1 ingevoegd, dat luidt
als volgt:
“Art. 199/1. De openbare centra voor maatschappelijk welzijn en
de verzelfstandigde agentschappen, bedoeld in de titels VII en
VIII, kunnen landmeters-experten aanstellen voor het opstellen
van schattingsverslagen in het kader van de onroerende
verrichtingen die door hen worden gesteld.”.
Art. 12. In hetzelfde decreet wordt in hetzelfde hoofdstuk III/1,
een artikel 199/2 ingevoegd, dat luidt als volgt:
“Art. 199/2. De Vlaamse Regering bepaalt de procedure en de
voorwaarden volgens welke de landmeter-expert de erkenning kan
verkrijgen om schattingsverslagen op te stellen voor de openbare
centra voor maatschappelijk welzijn en de verzelfstandigde
agentschappen, bedoeld in de titels VII en VIII.”.
Art. 13. In hetzelfde decreet wordt in hetzelfde hoofdstuk III/1,
een artikel 199/3 ingevoegd, dat luidt als volgt:
“Art. 199/3. Voor de toepassing van artikelen 199/1 en 199/2
wordt verstaan onder:
1° landmeter-expert: de landmeter-expert ingeschreven op het
tableau van de beoefenaars van het beroep als bedoeld in de wet
van 11 mei 2003 tot bescherming van de titel en van het beroep
van landmeter-expert en op wie het koninklijk besluit van 15
december 2005 tot vaststelling van de voorschriften inzake de
plichtenleer van de landmeter-expert van toepassing is;
2° schattingsverslag: verslag waarbij de waarde van het
onroerend goed wordt bepaald aan de hand van vooraf vastgelegde
objectieve regels zoals vergelijkingspunten uit de omgeving.”.
Johan SAUWENS
Bart MARTENS
Lieven DEHANDSCHUTTER
Koen VAN DEN HEUVEL
Jan ROEGIERS
Lies JANS
Jan VERFAILLIE |