|
Vraag om uitleg
van de heer Koen Van den Heuvel, Vlaams volksvertegenwoordiger,
aan de heer Kris Peeters, minister-president van de Vlaamse
Regering, Vlaams minister van Economie, Buitenlands Beleid,
Landbouw en Plattelandsbeleid, over het creëren van een
frontoffice naar bedrijven toe.
6 mei 2010
De voorzitter: De heer Van den Heuvel heeft het woord.
De heer Koen Van den Heuvel: Voorzitter,
minister-president, ik heb een kort en niet zo moeilijk vraagje
over het frontoffice voor bedrijven. We weten allemaal dat het
voor bedrijven soms niet zo gemakkelijk is om de weg te vinden
in het veelzijdige overheidsinstrumentarium en zeker met de
verschillende bestuurslagen van lokale besturen, provincies, de
Vlaamse overheid en de federale overheid. Daarom probeert men zo
veel mogelijk te gaan naar een eenloketfunctie, een frontoffice,
waar de bedrijven een gemakkelijkere toegang hebben tot de
overheidsinstellingen, vooral als het gaat over
ondersteuningsmogelijkheden en eventuele subsidiëring.
In Vlaanderen hebben wij ondertussen verschillende instellingen:
het Vlaams Agentschap Ondernemen (VLAO), de regionale
innovatiecentra, het Agentschap voor Innovatie door Wetenschap
en Technologie (IWT) om innovatiedossiertjes in te dienen en ook
Flanders Investment and Trade (F.I.T.) voor de bedrijven die
willen exporteren. Op provinciaal niveau zijn er de provinciale
ontwikkelingsmaatschappijen (POM’s) om met de bedrijven op zoek
te gaan naar de juiste industriezone om te kunnen investeren.
Wij hebben van minister Bourgeois vernomen dat hij plannen heeft
om een aantal diensten te concentreren in de Vlaamse
administratieve centra (VAC). Daarom wil ik u de vraag stellen
in welke mate in die VAC’s een echt frontoffice voor de
bedrijven in die provincie kan worden geïnstalleerd zodat daar
bijvoorbeeld ook de POM’s een plaatsje in zouden kunnen vinden
en men naar één frontoffice kan gaan per provincie voor de
bedrijven. De federale ondernemingsloketten vormen een ander
verhaal. Dat is nu eenmaal een fijnmazig net over heel het land
en staat hier wat apart van. Mijn hoofdvraag is: in welke mate
kan er een open huis voor de onderneming komen, waarin zowel
Vlaamse als provinciale instellingen een onderkomen vinden zodat
er één loket is voor de bedrijven.
De voorzitter: Minister-president Peeters heeft het
woord.
Minister-president Kris Peeters: Voorzitter, collega’s,
mijnheer Van den Heuvel, u hebt een pertinente vraag. Hopelijk
kan hetzelfde gezegd worden van het antwoord. De bekommernis
voor een eenduidig aanspreekpunt en een heldere communicatie
vanuit de overheid naar bedrijven is terecht. Bedrijven komen
immers veelvuldig in contact met de verschillende overheden en
door de weinig geïntegreerde aanpak is het voor ondernemers niet
altijd even duidelijk tot wie ze zich moeten richten voor
vergunningsaanvragen, bepaalde dienstverlening, informatie
enzovoort. Bovendien zitten de bevoegdheden verspreid over
verschillende bestuursniveaus: lokaal, provinciaal, Vlaams en
federaal. De bezorgdheid om daaraan te verhelpen leeft bij vele
leden van deze commissie en ook bij mij. De oplossing voor deze
problematiek ligt echter niet in eerste instantie in het fysiek
samenbrengen van alles op één plaats – de problematiek is ruimer
– maar in een duidelijke afstemming tussen verschillende
overheidsdiensten van hoe de ondernemer benaderd wordt. Van deze
afstemming wordt momenteel werk gemaakt in het project ‘Naar een
geïntegreerde benadering van ondernemers - geïntegreerd loket’
in het kader van het meerjarenprogramma ‘Slagkrachtige
overheid’. We zijn dus volop bezig met de geïntegreerde
benadering van de ondernemer. Ik weet dat dat allemaal te lang
duurt, men wil resultaten zien. Wel, die resultaten zullen
komen.
Ik zal al even wat duiding geven bij het project. Het wil er in
de eerste plaats voor zorgen dat bedrijven een helder en
duidelijk beeld krijgen van waar ze voor welke
vergunningsaanvraag en/of dienstverlening terecht kunnen zodat
ze geen tijd meer verliezen met het zoeken naar het juiste
aanspreekpunt in het labyrint van overheidsinstellingen en
bestuurslagen. Daarnaast wil dit project eveneens zorgen voor de
nodige afstemming en een duidelijke afbakening van taken tussen
de verschillende overheden, volgens ieders opdrachten en
kerntaken, zodat iedereen zijn kerntaken in relatie tot de
anderen correct opneemt en er eenduidige informatie- en
communicatiestromen richting ondernemingen ontstaan. U zult
zeggen: dat had al lang moeten worden gerealiseerd. U hebt
gelijk, maar we doen er alles aan om dat gedurende deze
legislatuur effectief te realiseren. Dit project wordt
gecoördineerd door het VLAO in nauwe samenwerking met de
Coördinatiecel Vlaams e-government (CORVE) en de Vlaamse
Infolijn, en de overige betrokken actoren.
Ik kom tot de fysieke locatie op één plaats. Vandaag zijn in de
provinciale vestigingen van het VLAO eveneens de provinciale
diensten van F.I.T. en de innovatiecentra ingebed, waardoor een
zeer belangrijk deel van de rechtstreekse dienstverlening aan
bedrijven op Vlaams niveau reeds op één locatie terug te vinden
is. In Antwerpen en Gent kan men vandaag op dezelfde locatie ook
terecht bij de provinciale ontwikkelingsmaatschappij. Voor de
toekomst is er geopteerd om alle diensten van de Vlaamse
overheid onder te brengen in één Vlaams Administratief Centrum (VAC)
per provincie. Hierdoor zullen naast het Agentschap Ondernemen,
F.I.T. en de innovatiecentra ook de voor bedrijven bijzonder
belangrijke diensten met betrekking tot bijvoorbeeld milieu en
ruimtelijke ordening samengebracht worden. De plannen voor het
Vlaams Administratief Centrum in Leuven zijn al het verst
gevorderd. Het innovatiecentrum, de diensten van F.I.T. en het
Agentschap Ondernemen zullen dan ook hun intrek nemen in het
nieuwe VAC, overigens niet ver van het provinciegebouw. Ook in
Brugge is men concreet bezig met de uitbouw van een Vlaams
Administratief Centrum. In Gent is men bezig met de plannen.
Het is wel van belang te onderstrepen dat er geen concrete
plannen zijn om ook de provinciale diensten zoals deze van de
POM’s fysiek onder te brengen in de VAC’s. Een
gemeenschappelijke huisvesting voor de federale
ondernemingsloketten is ook niet evident. De federale
ondernemingsloketten worden immers uitgebaat door private
organisaties die met elkaar in concurrentie staan en hebben
meerdere kantoren per provincie om hun dienstverlening zo dicht
mogelijk bij de ondernemer te kunnen aanbieden. Wel werden de
bevoegdheden van de federale ondernemingsloketten onlangs
uitgebreid met de uitbouw van één loket in het kader van de
Europese Dienstenrichtlijn. Dat is gebeurd om de Vlaamse en
buitenlandse ondernemer de mogelijkheid te bieden om al de
administratieve formaliteiten en aanvragen op één virtuele
plaats te kunnen indienen.
Mijnheer Van den Heuvel, u hebt een pertinente vraag gesteld. De
geïntegreerde aanpak is heel belangrijk. Samen met de andere
collega’s wil ik er alles aan doen om dat tijdens deze
legislatuur effectief te realiseren. Ik hoop op uw vragen
geantwoord te hebben.
De voorzitter: De heer Van den Heuvel heeft het woord.
De heer Koen Van den Heuvel: Minister-president, ik denk
dat uw antwoord duidelijk is. Ik hoop ook dat het project van
een geïntegreerd loket zo snel mogelijk gerealiseerd wordt. Dat
zou een zeer belangrijk signaal zijn voor de bedrijven. Ik heb u
ook horen zeggen dat de Vlaamse diensten gecentraliseerd worden
in het VAC, dat het niet evident is dat ook de POM’s daarin
zouden worden opgebracht.
De voorzitter: Het incident is gesloten. |