Begrotingsbespreking beleidsdomein Financiën en Begroting
16 december 2009De voorzitter:
Dames en heren, aan de orde is de voortzetting van de algemene
bespreking van de ontwerpen van decreet. We bespreken nu het
beleidsdomein Financiën en Begroting. De heer Van den Heuvel
heeft het woord.
De heer Koen Van den Heuvel: Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister-president, we zijn aan het einde gekomen
van een lange rit. Ik zal proberen kort en bondig enkele
beschouwingen te maken. Ik heb eerst een aantal algemene
beschouwingen over de begroting 2010.
In deze tijd van economische recessie met een
economische groei van min 3 percent dit jaar, het slechtste
resultaat van na de Tweede Wereldoorlog, de uitdaging aangaan om
op korte termijn, namelijk in 2010, het tekort terug te dringen
tot 500 miljoen euro en in 2011 tot een evenwicht te komen, is
een fantastische prestatie. Ik ben dan ook verwonderd dat
sommigen beweren dat dat onvoldoende is. Deze mensen doen me
denken aan een papa die, wanneer zijn zoon of dochter thuiskomt
met een fantastisch kerstrapport van 90 percent en eerste van de
klas is, op een sombere toon gromt: in mijn tijd deed ik het
beter en haalde ik 95 percent. Ik heb het niet over mezelf, het
is een illustratie van wat sommigen met volle overtuiging komen
te vertellen.
Dat is dus een prestatie die er mag wezen,
temeer omdat deze begroting gebaseerd is op voorzichtige
macro-economische hypothesen. We hebben daar gisteren al over
gepraat. Ze is gebaseerd op een groei van 0,4 percent, terwijl
de Nationale Bank vorige week nog heeft gezegd een groei van 1
percent te verwachten. Het Rekenhof zegt dat de
gewestbelastingen realistisch zijn ingeschat. Wie twijfelt er
aan het Rekenhof en beweert dat dit anders zou zijn?
Dan is er nog die 500 miljoen euro. Ik hoor hier beweren dat dit
een truc is om de ontvangsten op te krikken in 2010. Wij
interpreteren dat als een provisie van tijdelijk te veel
ontvangen middelen over het jaar 2009. Ik vind het dan ook
eerlijk en boekhoudkundig correct dat die middelen op het jaar
2009 worden berekend, en niet op 2010. Onze fractie kan dus
achter die uitgangspunten staan, en in het algemeen geven we
niet een ruime voldoende, maar een onderscheiding aan deze
begroting, zeker als we die afwegen tegen de alternatieven.
We hebben gisteren geprobeerd die te begrijpen,
maar eigenlijk hebben we ze niet gehoord. Ik heb ook een
rekensommetje gemaakt. We zouden sneller moeten gaan. Dat
betekent dat het tekort van 500 miljoen euro te veel is. Dat
komt neer op 500 miljoen euro extra. De jobkorting zou te
selectief zijn geworden, hoewel we zijn teruggekeerd naar de
initiële bedoeling. Dan heb ik het over de laagverdieners, de
doelgroep voor de werkloosheidsval.
Die jobkorting mag niet zo snel worden
afgebouwd. Ik neem dus 300 miljoen euro. Er moeten buffers voor
de conjunctuur en allerlei andere zaken worden aangelegd. Dat
zou neerkomen op 100 à 200 miljoen euro. Er zou extra geld
moeten komen voor innovatie en voor zorg.
Mijnheer Gatz, als ik dat alles optel, krijg ik
een bedrag van 1 à 1,5 miljard euro. Dan heb ik het wat moeilijk
met uw alternatief. Dat miljard euro zou worden gevonden door in
elke provincie twee lijnen van De Lijn af te schaffen waarop
lege bussen rijden, terwijl er meer dan anderhalve maal het
totaalbudget van De Lijn nodig zou zijn om aan dat bedrag van 1
à 1,5 miljard euro te komen.
Ook over de schuldopbouw wil ik iets zeggen. We
hebben de voorbije weken horen zeggen dat deze regering aan een
exuberante schuldopbouw doet, tot 8 à 9 miljard euro en als we
niet oppassen nog meer. We hebben dat de voorbije dagen ook al
proberen te duiden. We hebben duidelijk gezegd dat het gaat over
5,9 miljard euro in 2010. Daar komt misschien nog ongeveer 500
miljoen euro bij in 2011, niet door een tekort, maar door de
tweede helft van het Vlaamse relanceplan. Dan zouden we aan 6 à
6,5 miljard euro komen. We hebben ook al duidelijk gesteld dat,
wanneer de KBC-operatie wordt terugbetaald, we wellicht 5,3
miljard euro kunnen terugbetalen. Dan blijft er volgens mij
amper 1 miljard euro schuld over, en geen 7, 8 of 9 miljard
euro.
Bovendien wil ik ook nog het volgende zeggen ten
behoeve van diegenen die dachten dat de zon, wat het financiële
aspect betreft, totaal is ondergegaan toen minister Van Mechelen
de stok heeft doorgegeven aan de volgende minister. Er was een
indirecte schuld van bijna 12 miljard euro: een gewaarborgde
schuld van bijna 8 miljard euro en een pps-schuld van 4 miljard
euro. Ook wat dat betreft, kan er wat nuance en eerlijkheid in
het debat worden gebracht.
De voorzitter: De heer Gatz heeft het woord.
De heer Sven Gatz: U stelt nu eigenlijk dat
het begrotingsbeleid van de vorige minister van Begroting
rampzalig is geweest.
De heer Koen Van den Heuvel: Neen, dat heb
ik niet gezegd.
De heer Sven Gatz: Ik heb nochtans de
cijfers gehoord. Ik val achterover van de omvang van die
cijfers. U probeert me er eigenlijk van te overtuigen dat de
vorige regering, met minister Van Mechelen, werkelijk niet
slechter had kunnen zijn. U moet er altijd over waken dat u een
klein beetje maat houdt in uw kritiek, anders wordt het een
beetje belachelijk.
De heer Koen Van den Heuvel: Mijnheer Gatz,
ik beweer net dat u, met uw kritiek op deze begroting, wat maat
moet houden en wat eerlijke nuances moet aanbrengen. Daarom noem
ik deze cijfers, die kloppen. Sommige mensen hebben altijd een
hoge borst opgezet en gesteld dat ze een nulschuld hebben
overgelaten aan de volgende Vlaamse Regering. Dat is niet juist.
Mevrouw Ceysens heeft vorige week gezegd dat de directe schuld
eigenlijk 5 miljard euro bedraagt. Maar daarnaast zijn er ook
nog de indirecte schuld en de pps-schuld van 4 miljard euro, die
we ook niet onder de mat moeten schuiven. Ik wil het nog hebben
over twee punten die op fiscaal vlak belangrijk zijn. Er wordt
gezegd dat deze regering een blinde lastenverhogende regering
is.
Ik geef u twee maatregelen die aantonen dat ze
toch ook oog heeft voor het fiscale vlak. Er is de verlenging
met twee jaar van de vrijstelling van het verlaagd tarief op de
schenkingsrechten voor bouwgronden. En er is de vrijstelling van
de loonlastenvoorwaarde bij de successie bij familie- of
kmo-bedrijven. Die vraag hebben we verschillende jaren gesteld.
Deze regering heeft de maatregel doorgevoerd.
Ik wil eindigen met een drietal aandachtspunten.
We hebben de voorbije jaren regelmatig over de impliciete schuld
gepraat. Als er een zekere investeringsdynamiek in de begroting
zit, dan kan het dat tijdelijke beleidskredieten groter zijn dan
betaalkredieten. We moeten dat in een juist kader zien en
nuanceren. Ik wil toch aan de regering vragen om dit goed te
monitoren en zeker de volgende jaren ook in voldoende
betaalkredieten te voorzien.
Een tweede aandachtspunt is het
liquiditeitenbeheer van Vlaamse instellingen die buiten het
Centraal Financieringsorgaan (CFO) vallen. Het is misschien een
heel moeilijke discussie, maar we hebben alles eens op een
rijtje gezet. De gederfde opportuniteitswinst zou 65 miljoen
euro kunnen bedragen, namelijk 2 percent op 1,3 miljard euro aan
beschikbare liquiditeiten bij de verschillende instellingen. Ik
weet dat de discussie heel moeilijk is, maar wij vragen toch ook
een onderzoek. Wellicht zal dat geen tientallen miljoenen
opbrengen, maar ik zou toch aan u willen vragen om dit
instelling per instelling te onderzoeken om na te gaan of er
graantjes kunnen worden meegepikt, gelet ook op de discussie om
het al dan niet op te nemen in de consolidatiekring. We mogen
dit zeker niet uit het oog verliezen, maar ik zou u toch willen
vragen om die lijst eens te bekijken.
Ik heb gezegd dat deze begroting een stevige
begroting is. Vanuit onze fractie willen we dan ook heel
duidelijk vragen om het engagement van een evenwicht in 2011 na
te komen en om de puike begrotingsresultaten te verankeren in
een geloofwaardige meerjarenbegroting. Dit zou heel sterk zijn.
We hebben liever een goede, geloofwaardige meerjarenbegroting
die enkele weken later komt dan een die holderdebolder komt. Ook
in het verleden was het traditie dat bij de eerste
begrotingscontrole de meerjarenbegroting werd ingediend. Ik zou
dan ook de minister willen oproepen om die deadline te halen om
een geloofwaardige en sterke meerjarenbegroting in te dienen.
(Applaus bij CD&V en de N-VA) |